Industrie verplicht tot Energiebesparing

Industrie kan all-electric

Industriele restwarmte heeft een flinke potentie voor hergebruik
Er zijn al heel wat technologieën beschikbaar om de CO2-uitstoot door industriële processen radicaal te verlagen.

De industrie kan en moet overschakelen naar all-electric willen we de CO2 doelstellingen halen. Zonder elektrificatie van de industrie komt er geen succesvolle energietransitie. Dat meldt Sigrid Bollwerk, program development manager energiebesparing bij ECN. 

‘Het moet anders, en dat kan ook’.

De industrie is verantwoordelijk voor bijna 50% van het Nederlandse energiegebruik. We halen de klimaatdoelen alleen als bedrijven, particulieren en de industrie overstappen naar all-electric. Dat is een enorme verandering maar het kan wel.

Energieprijzen zijn nog te goedkoop

Bedrijven en industrie zijn gewend aan lage energieprijzen. Sterker nog: hoe meer energie je verbruikt hoe minder de energie kost. Dat is op zijn minst onlogisch. Maar wil je dat veranderen dan komt de Nederlandse concurrentiepositie in het geding. Dus moeten er internationaal afspraken over gemaakt. worden.

Ook de CO2 uitstootvergoeding is veel te laag. Prijsafspraken hierover zijn Europees gedaan dus daar zouden in EU-verband nieuwe normeringen voor moeten komen.

Verder gebruikt de industrie traditioneel nog vooral olie, gas en kolen. De industriële processen vergen vaak hoge temperaturen en olie en gas worden als grondstof toegepast. Over biomassa wordt nog onvoldoende nagedacht aldus Bollwerk.

Het resultaat:

  • dat de industrie niet zit te springen om te investeren in energiebesparing en om te schakelen naar elektriciteit
  • de industrie grote hoeveelheden CO2 uitstoot

Industrie kan omschakelen

Er zijn al heel wat technologieën beschikbaar om de CO2-uitstoot door industriële processen radicaal te verlagen.

  • Biomassa kan een deel van de fossiele energie vervangen
  • Overschakelen naar elektriciteit (voor warmte) zorgt ervoor dat er in de processen gebruik gemaakt kan worden van duurzaam opgewekte energie uit wind en zon
  • Met elektriciteit kan waterstofgas gemaakt worden uit water en brandstoffen zoals methanol en CO2
  • Proceswarmte kan hergebruikt worden met een warmtepomp
  • Tot slot kunnen elektrochemische processen de plaats innemen van chemische reacties die nu nog bij hoge temperatuur verlopen en daardoor veel brandstof vergen

Meer flexibiliteit

Overschakelen naar all-electric is een ingrijpende verandering. Dit vergt nieuwe productieprocessen die niet alleen kleinschaliger moeten worden ingericht maar ook flexibel kunnen overstappen op een andere grondstof.

Natuurlijk is de terugverdientijd niet morgen. De ROI van zonnepanelen en windmolens was aanvankelijk ook langer dan de huidige vijf tot zeven jaar.

Maar als we de industrie willen transformeren – en een internationale voorsprong willen opbouwen – dan moeten we nu beginnen. Bedrijven, overheden en kennisinstellingen moeten nu samenwerken om een industriële transitie te starten en versnellen. Als we de stip op de horizon van 2035 all electric aanhouden dan moeten we nu aan de slag.

2 rapporten

  1. Het VEMW-rapport (‘Decisions on the industrial energy transition’) stelt acht maatregelen voor.
  2. Het Quitel-rapport (‘De toekomst van de Nederlandse energie-intensieve industrie. Het Verhaal.’) stelt ‘acht ongebruikelijke routes’.

De verschillen tussen de rapporten zijn groot. Het VEMW-rapport is veel praktischer, het Quintel-rapport is meer gericht op het doorgeven van inspiratie.

Maar beide rapporten concluderen dat het mogelijk moet zijn dat de Nederlandse industrie tegen 2050 vrijwel klimaatneutraal produceert.

Reageer op dit artikel

Your email address will not be published. Required fields are marked *

 

Meest gelezen

 

Categorieën

 

Alle blogs

 

Recente reacties