Zware industrie zoals Tata Steel, grootste struikelblok Energietransitie

Zware industrie grootste struikelblok

Zware industrie zoals Tata Steel, grootste struikelblok Energietransitie
Zware industrieën, zoals Tata Steel, zijn het grootste struikelblok voor de Energietransitie. Om staal te maken is een temperatuur van ten minste 1.500 graden nodig.

“De zware industrie wordt het grootste struikelblok van de energietransitie.” Dat zegt Ernst Worrell, hoogleraar energie en technologie aan de Universiteit Utrecht tegen de Volkskrant.

Zware industrie verbruikt 25% van de Nederlandse energie

In de zware industrie wordt gewerkt met zeer hoge temperaturen: glas, bakstenen en kunstmest worden gemaakt bij 1.000 graden Celsius. Staal bij minstens 1.500 graden. De energie die daarvoor nodig is, beslaat een kwart van het totale energieverbruik in Nederland.

Die hoge temperaturen zijn onhaalbaar met een warmtepomp. Worrell ziet twee oplossingen om die hoge temperaturen CO2-vrij op te wekken:

  1. Je kunt waterstof gebruiken als brandstof
  2. De andere mogelijkheid is alsnog gas of kolen gebruiken en e vrijkomende CO2 ondergronds opslaan. Bijvoorbeeld in een leeg aardgasveld.

Waterstof

In de staalindustrie wordt al druk geëxperimenteerd met waterstof. Vooral in Zweden. Maar om waterstof te maken heb je goedkope stroom nodig. Wanneer die groene stroom alleen van wind en zon komt, kun je alleen op piekmomenten dat het hard waait en de zon flink zijn best doen, de fabriek laten draaien. Dat is veel te duur.

Gas of kolen

Worrell: “Bij IJmuiden komt een gasleiding uit de Noordzee aan land. Als het bijbehorende gasveld leeg is, kan de CO2 van Tata Steel erdoor worden afgevoerd. Dat zou een levensader kunnen worden voor Tata ij IJmuiden. Alle staalfabrikanten in de wereld zullen van hun CO2 af moeten en als IJmuiden voor dat doel gunstig ligt, overleeft Tata.

Harde klappen

In andere delen van de zware industrie zullen harde klappen vallen als gevolg van de energietransitie. De raffinaderijen – grote energieslurpers – zullen grotendeels verdwijnen omdat benzine en diesel nagenoeg verdwijnen Kunstmestfabrieken zitten alleen in Nederland vanwege het goedkope aardgas. “Als dat er niet meer is, waarom zouden ze hier dan nog blijven?” vraagt Worrell zich af. Die fabrieken zullen op zoek gaan naar goedkope energie. Dat betekent hier banenverlies, in elk geval in de zware industrie.

 

Reageer op dit artikel

Your email address will not be published. Required fields are marked *

 

Meest gelezen

 

Categorieën

 

Alle blogs

 

Recente reacties